← The State of Tech RSS Feed

3 oktober 2026 · 14:37

OpenAI-model teruggetrokken: AI-chatbots in de zorg onder druk

OpenAI trekt zijn nieuwe topmodel terug vanwege veiligheidszorgen, en dat raakt ook de vraag hoe veilig AI is op plekken waar de inzet hoog is. In deze aflevering van The State of Tech bespreken we de terugtrekking van het OpenAI-model en kijken we naar AI in de zorg, waar bijna twee derde van de medewerkers ongekeurde tools gebruikt. Verder: de overname van Synaptics door ON Semiconductor, Googles proefsatelliet voor AI-datacenters in de ruimte en twee tips om vandaag te proberen.

AI Zorg Privacy Chips ON Semiconductor Synaptics

Beluister deze aflevering:

Transcript

Linda: Welkom bij The State of Tech, zaterdag 3 oktober 2026. Ik ben Linda Duursma.

Erik: En ik ben Erik Van Doorn. Vandaag: OpenAI trekt zijn nieuwe topmodel terug vanwege veiligheidszorgen, chipmaker ON Semiconductor koopt Synaptics voor bijna zes miljard dollar, Google lanceert een proefsatelliet om AI-datacenters in de ruimte te testen, Japan zet quantumcomputers en AI in voor nieuwe kankertherapie, en tot slot twee dingen om vandaag te proberen: de open notitie-app Notable en de versleutelde berichten-app Jami. We beginnen met het teruggetrokken model van OpenAI.

Je tweede arts is een chatbot, en niemand heeft het goedgekeurd

Linda: Ik wil het even hebben over iets wat zich waarschijnlijk afspeelt in de spreekkamer waar jij volgende maand zit. Er is onderzoek gedaan in opdracht van Philips, en daaruit blijkt dat bijna twee derde van de zorgmedewerkers gewoon zijn eigen AI-tools gebruikt. ChatGPT en dat soort dingen. Niet iets wat het ziekenhuis heeft ingekocht, maar iets wat ze zelf op hun telefoon hebben staan.

Erik: Twee derde. Dat is geen randverschijnsel meer, dat is gewoon hoe het werkt. En ik snap het ook wel. Als je tussen twee patiënten door een medicijninteractie wilt checken, dan pak je wat binnen handbereik ligt.

Linda: Precies die logica. Het gaat om tijdsdruk, niet om kwade wil. Maar die tools zijn niet goedgekeurd voor medische besluitvorming. En wat mij opviel: een groot deel van de ondervraagden zegt dat ze er geen goede training voor hebben gehad.

Erik: Dus je hebt mensen die dagelijks beslissingen nemen over andermans gezondheid, en ze gebruiken een gereedschap waarvan ze niet geleerd hebben wanneer je het niet moet vertrouwen. Dat is alsof je iemand een auto geeft zonder te vertellen waar de rem zit.

Linda: En er is ook niemand die meekijkt. Een flink deel ziet een gebrek aan duidelijke richtlijnen. Dus als zo'n model met veel overtuiging iets verkeerds zegt, is er niet per se een tweede paar ogen dat het opvangt.

Erik: Dat is het hardnekkige aan chatbots, hè. Ze klinken altijd zeker. Een fout antwoord komt net zo vlot en vloeiend als een goed antwoord. En als je moe bent en haast hebt, ga je daar sneller in mee.

Linda: Dan is er nog het privacyverhaal. De Autoriteit Persoonsgegevens waarschuwt specifiek voor het invoeren van patiëntgegevens in openbare chatbots. Want zodra je die tekst intypt, kan het zomaar bij de aanbieder terechtkomen. Je hebt het dan over medische gegevens, de gevoeligste categorie die er is.

Erik: Wat ik wel eerlijk wil zeggen: de AI zelf is hier niet het probleem. Dezelfde onderzoeken laten zien dat het ook echt helpt, bij administratie, bij het signaleren van medicijnwaarschuwingen. Het probleem zit in de gaten eromheen. Geen beleid, geen opleiding, geen toezicht.

Linda: Dat is ook mijn lezing. Het verbieden helpt waarschijnlijk niet, want mensen doen het toch wel. Het gaat erom dat organisaties sneller zelf een goedgekeurd alternatief neerzetten, mét uitleg erbij, zodat niemand meer naar zijn privételefoon hoeft te grijpen.

Erik: En tot die tijd is het een soort grijs gebied waar iedereen in zit en niemand over praat. Dat vind ik het meest zorgelijke. Niet dat het gebeurt, maar dat het stilzwijgend gebeurt.

Linda: Dus de volgende keer dat je bij de dokter zit en die even iets opzoekt op zijn scherm: vraag gerust waar hij of zij dat precies doet.

Chipmaker ON Semiconductor koopt sensorbedrijf Synaptics voor bijna zes miljard dollar in cash.

Erik: Chipmaker ON Semiconductor heeft een akkoord bereikt om Synaptics te kopen voor ongeveer vijf komma zeven miljard dollar in cash. Dat is een flinke herziening van een eerder plan van zeven miljard in aandelen. De overstap naar contant geld betekent dat de huidige aandeelhouders van ON Semiconductor niet verwateren, en Synaptics-beleggers een vaste prijs krijgen in plaats van een aandelenruil die met de markt meebeweegt. De koersen van beide bedrijven schoten gisteren omhoog, dus Wall Street was duidelijk blijer met deze versie dan met de eerste.

Linda: Achter die financiële constructie zit een duidelijk productverhaal. Synaptics heeft zich de laatste jaren omgevormd richting wat de sector edge AI en physical AI noemt: chips die AI-werk doen in het apparaat zelf, dus in camera's, auto's, fabriekssensoren en slimme huisapparatuur, zonder dat alles naar een datacenter hoeft. ON Semiconductor is juist sterk in stroom, sensoren en besturing. Samen leveren ze straks één pakket voor connected hardware, van de sensor die iets waarneemt tot de chip die bepaalt wat er moet gebeuren.

Erik: Voor de Europese industrie weegt deze deal zwaarder dan de kop suggereert. Duitse autobouwers, Italiaanse fabrieksautomatisering en slimme-huismerken over het hele continent kopen fors in bij beide bedrijven. Consolidatie betekent in de regel minder keuze, langere contracten en meer onderhandelingsmacht voor de leverancier. Dat raakt direct de Europese Chips Act, waarmee Brussel juist probeert een eigen halfgeleiderbasis op te bouwen.

Linda: In Nederland zit de keten van ASML tot NXP en Nexperia midden in deze beweging. NXP in Eindhoven maakt veel chips voor precies die auto- en industriemarkt waar ON Semiconductor nu groter wordt. Nederlandse toeleveranciers krijgen te maken met een stevigere concurrent, maar ook met een potentiële nieuwe klant. En Den Haag wrijft al een tijdje tegen Brussel aan over strategische autonomie bij chips, dus elke grote Amerikaanse overname in dit segment versterkt de roep om een eigen Europees antwoord.

Linda: Even een kleine onderbreking. Luister je vaker naar The State of Tech? Druk dan op de likeknop en abonneer je, zodat je nooit een aflevering mist. Oké, verder.

Google lanceert koelkastgrote proefsatelliet om te testen of AI-datacenters straks in een baan om de aarde kunnen draaien.

Erik: Google heeft een experimentele satelliet ter grootte van een koelkast in een lage baan om de aarde gezet, en dat is interessanter dan het klinkt. Het is de eerste vluchttest van wat Google Project Suncatcher noemt: een poging om te zien of AI-datacenters uiteindelijk in de ruimte kunnen draaien. Aan boord zitten vier van Googles eigen tensor processing units, de chips waarmee het bedrijf zijn Gemini-model traint en laat draaien. De test moet aantonen hoe die hardware zich houdt in de ruimte, met straling, hitte en vacuüm die allemaal tegenwerken.

Linda: De logica achter dit experiment is energie. AI trainen vreet stroom, en op aarde betekent dat meer netbelasting, meer koelwater en meer gedoe met omwonenden over waar nieuwe datacenters mogen komen. In een baan om de aarde schijnt de zon vrijwel constant, dus zonnepanelen draaien dag en nacht. Als je de data daarna snel genoeg kunt terugzenden, heb je een manier om AI te blijven opschalen zonder weer een gebouw op een Europees bedrijventerrein neer te zetten.

Erik: De voorbehouden zijn enorm. Chips lanceren is duur, repareren vrijwel onmogelijk, en grote hoeveelheden trainingsdata heen en weer sturen is een serieuze technische uitdaging. Deze satelliet is dus echt een hardwaretest: overleeft Googles AI-chip het, en hoe presteert hij. Niemand gaat volgend jaar Gemini in een baan om de aarde trainen. Maar het laat zien hoe hard hyperscalers zoeken naar manieren om de energielimieten op aarde te omzeilen.

Linda: Voor Nederland raakt dit twee discussies tegelijk. De aanleg van nieuwe datacenters, bijvoorbeeld in de Wieringermeer en Flevoland, ligt politiek gevoelig vanwege stroomgebruik en netcongestie. En in ESTEC in Noordwijk werkt de Europese ruimtevaartorganisatie al aan concepten voor dataverwerking in de ruimte. Als Google aantoont dat chips in een baan om de aarde serieus kunnen presteren, krijgt de Nederlandse ruimtevaartsector plots een hele nieuwe markt om zich op te richten.

Japan zet quantumcomputers en AI samen in om de volgende generatie kankerimmunotherapie te ontwerpen.

Erik: Het Japanse NEDO, een overheidsagentschap voor energie en industriële technologie, heeft een groot project geselecteerd dat quantumcomputing en AI combineert om nieuwe kankerimmunotherapie te ontwerpen. Het consortium is breed opgezet: elektronicareus NEC voor de rekenkracht, farmaceut Taiho voor de medicijnen, de Japanse kankeronderzoeksstichting, het nationale onderzoeksinstituut en de Waseda-universiteit. Samen bouwen ze een platform om zogeheten neoantigenen te vinden en te optimaliseren, de kleine moleculaire vlaggetjes die het immuunsysteem helpen een tumor te herkennen.

Linda: Immunotherapie geldt als een van de meest hoopvolle richtingen in de kankerzorg, maar het ontwerpen van die neoantigenen is loodzwaar werk. Je zoekt in een enorme ruimte van mogelijke moleculen, en gewone computers lopen vast op die combinatoriek. Quantummachines zouden juist goed moeten zijn in dat soort problemen, en AI kan helpen om de kansrijkste kandidaten eruit te vissen. Door een farmaceut en een kankerinstituut meteen in het project op te nemen, moet de uitkomst doorstromen naar echte behandelingen in plaats van in een vakblad te eindigen.

Erik: Interessant is vooral het model: een overheidsagentschap financiert, een nationale kampioen zet de rekenkracht neer, universiteiten en ziekenhuizen leveren de biologie, en een farmaceut maakt zich hard voor de klinische vertaling. Dat is precies het sjabloon waar Europa al jaren over praat, maar zelden strak uitgevoerd krijgt. Quantumcomputing is nog lang geen rijpe technologie, maar met deze opzet krijgt het meteen een concrete medische toepassing in plaats van weer een abstracte benchmark.

Linda: Nederland heeft met QuTech in Delft en de kankerinstituten in Amsterdam en Utrecht precies de bouwstenen voor zoiets. Alleen ontbreekt vaak de regie: een overheidsagent die het geld bundelt én een farmaceut die zich aan de uitkomst committeert. Het Japanse voorbeeld geeft het ministerie van Economische Zaken en ZonMw een concreet model om naar te wijzen. Als Europa serieus wil meedoen in quantumgeneeskunde, zullen Nederlandse partijen zich sneller moeten verbinden aan één gezamenlijk doel.

Open notitie-app Notable houdt al je aantekeningen als gewone bestanden op je eigen computer, zonder cloud.

Erik: Dan nu twee dingen die je vandaag kunt uitproberen. Om te beginnen Notable. Dat is een gratis open-source notitie-app die werkt met gewone Markdown-bestanden op je eigen computer. Je typt een notitie, hangt er wat labels aan, en zo bouw je in de loop van de tijd een verzameling notities, projecten en naslag op die volledig op je laptop staat, en nergens in de cloud. Notable draait op Windows, Mac en Linux, en de bestanden die het opslaat zijn gewone Markdown, dus je zit nooit vast aan de app zelf.

Linda: Wat Notable prettig maakt voor gewone gebruikers, is dat het rechttoe rechtaan voelt. Je opent de app, je begint te typen, en als je de ene notitie aan de andere wilt koppelen, link je gewoon op naam. Labels en een zoekveld helpen je later dingen terugvinden. Gebruikers zetten er vergadernotities in, leeslijstjes, recepten, scriptieonderzoek, zelfs de planning van een verbouwing. Omdat elke notitie een Markdown-bestand in een map is, kun je het back-uppen met elk programma dat je al hebt.

Erik: Notable probeert geen Notion of Obsidian te zijn. Er is geen hippe grafische weergave en geen officiële mobiele app. Wil je je notities op je telefoon, dan ga je de map synchroniseren via bijvoorbeeld een eigen schijf. Maar voor wie vooral op een laptop werkt en wil dat zijn notities over tien jaar nog gewoon leesbaar zijn zonder inlogscherm, is dit een van de rustigere, betrouwbaardere opties. Gebruikers prijzen vooral dat het niet in de weg zit, en dat is bij een notitie-app vaak precies het punt.

Linda: Installeren kost een paar minuten, de app is echt gratis, en hij werkt in het Nederlands. Voor een zzp'er die klantgesprekken bijhoudt, een student met collegeaantekeningen of een huishouden dat recepten en lijstjes wil ordenen, is dit een praktisch beginpunt. En omdat je bestanden op je eigen apparaat blijven, hoef je niet na te denken over welke Amerikaanse clouddienst er straks in je aantekeningen leest. Noteer wel zelf regelmatig een back-up op een externe schijf.

Jami is de gratis berichten- en belapp die werkt zonder telefoonnummer en zonder centrale server voor je gesprekken.

Erik: Het tweede tipje is een app genaamd Jami, gespeld J-A-M-I. Het is een gratis open-source app voor privé berichten en bellen die niet om een telefoonnummer of e-mailadres vraagt. Je maakt een account aan zonder persoonlijke gegevens af te staan, en je krijgt een eigen gebruikersnaam en identificatiecode. Onder de motorkap werkt Jami peer-to-peer: in plaats van dat alles via de servers van één bedrijf loopt, verbinden apparaten zich rechtstreeks met elkaar, en gesprekken zijn end-to-end versleuteld.

Linda: Jami wordt ontwikkeld onder de vlag van Savoir-faire Linux, een Canadees bedrijf, en is onderdeel van het GNU-project, dus de broncode is open en iedereen kan meekijken. Het praktische gevolg is dat er geen centraal bedrijf is dat je contactenlijst of je gesprekken beheert. Je kunt er tekstberichten mee sturen, bestanden delen en bellen of videobellen. De keerzijde is dat berichten en je account op je eigen toestel staan, dus je moet zelf nadenken over een back-up en over de beveiliging van je telefoon. Omdat er geen centrale server het zware werk doet, kan een verbinding soms iets minder soepel verlopen dan bij de bekende apps.

Erik: Voor wie het past: iedereen die een berichtenapp wil met chat en beeldbellen, maar zonder de gebruikelijke aanmeldeisen. Voor een gemiddelde Nederlandse gebruiker is Jami eerder een tweede messenger dan een vervanger van de familiegroep op WhatsApp. Hij is handig voor gesprekken met vrienden, collega's of familie die liever geen telefoonnummer delen. De app is er voor Android en iOS, maar ook voor Windows, Mac en Linux, en opzetten kost ongeveer vijf minuten.

Linda: Juist in Nederland, waar de discussie over chatcontrole in Brussel nog loopt en journalisten en advocaten zoeken naar alternatieven, groeit de belangstelling voor dit soort apps. Jami is geen wondermiddel en de bezorging kan haperen als een gesprekspartner lang offline is. Maar voor wie bewust wil kiezen voor een messenger zonder telefoonnummer en zonder centrale beheerder, is dit een serieuze optie om vanmiddag even te proberen.

Linda: Vandaag hadden we het over: Je tweede arts is een chatbot, Chipmaker ON Semiconductor koopt sensorbedrijf Synaptics, Google lanceert koelkastgrote proefsatelliet om te, Japan zet quantumcomputers en AI samen, Open notitie-app Notable houdt al je, en Jami is de gratis berichten- en.

Erik: Meer weten of reageren? Ga naar thestateoftech.nl of mail ons op info@doorzetters.net.

Erik: State of Tech, de techwereld in 15 minuten.