← The State of Tech RSS Feed

30 augustus 2026 · 13:39

Chipmarkt verdubbelt naar $1.600 mrd: AI drijft recordgroei

De wereldwijde chipomzet verdubbelt in 2026 bijna naar 1.600 miljard dollar, zo voorspelt Gartner, met AI-geheugen als grootste aanjager. In dezelfde periode zijn al meer dan 22.000 humanoïde robots uitgeleverd aan fabrieken en magazijnen wereldwijd. In deze aflevering legt The State of Tech uit wat deze verschuivingen betekenen voor ASML, de Europese Chips Act en de Nederlandse maakindustrie.

Chips AI humanoïde robots Federal Reserve telecom Magic Earth

Beluister deze aflevering:

Transcript

Linda: Welkom bij The State of Tech, zondag 30 augustus 2026. Ik ben Linda Duursma.

Erik: En ik ben Erik Van Doorn. Vandaag: de chipmarkt verdubbelt bijna naar zestienhonderd miljard dollar, humanoïde robots worden voor het eerst bij duizenden tegelijk uitgeleverd, het Verenigd Koninkrijk waarschuwt dat zijn telecomnetwerk de AI-race gaat afremmen, en de Amerikaanse centrale bank zet AI midden in zijn rentebesluiten. Plus twee dingen om vandaag uit te proberen: de offline Europese kaartenapp Magic Earth en de gratis schrijfomgeving Zettlr. We beginnen met die chipmarkt die bijna verdubbelt.

Gartner voorspelt dat de wereldwijde chipomzet in 2026 bijna verdubbelt naar zestienhonderd miljard dollar.

Linda: We beginnen met een cijfer waar je even bij moet blijven staan. Analistenbureau Gartner voorspelt dat de wereldwijde chipomzet dit jaar uitkomt op zestienhonderd miljard dollar. Dat is een stijging van tweeënnegentig procent ten opzichte van 2025, oftewel een bijna-verdubbeling van een toch al gigantische industrie in één jaar tijd. De grote motor daarachter is, geen verrassing, AI. Alleen al de geheugenchips zijn goed voor achthonderdzevenendertig miljard dollar, ruim de helft van de hele markt en ongeveer het dubbele van vorig jaar.

Erik: En dat geheugenverhaal is echt het opvallende. Geheugen was altijd de saaie, cyclische hoek van de chipwereld. Prijzen omhoog, prijzen omlaag, fabrieken overproduceren, iedereen wacht het uit. Nu is geheugen ineens de ster, omdat AI-systemen in datacenters enorme hoeveelheden snel geheugen nodig hebben om die versnellers te voeden. Gartner ziet daarnaast dat het hele ecosysteem rond AI-datacenters, dus servers, versnellers en netwerkspullen, groeit van zesendertig procent van de chipmarkt dit jaar naar boven de vijftig procent in 2030. Dat is een fundamentele herschikking van waar deze industrie eigenlijk voor bedoeld is.

Linda: Voor Nederland en Europa raakt dit twee zenuwen tegelijk. Eerst de toeleveringsketens. Als de geheugenprijzen zo hard oplopen, voelt elk Europees bedrijf dat hardware maakt, van autofabrikanten tot machinebouwers tot consumentenelektronica, dat direct in de inkoop. Voor Nederlandse spelers als ASML en Besi is dit juist rugwind: hoe voller de orderportefeuille van de chipfabrikanten, hoe meer machines er besteld worden. Maar voor bijvoorbeeld Philips of VDL, die chips inkopen, wordt de rekening dit jaar hoger.

Erik: En dan de investeringskant. De Europese Chips Act is grotendeels gebouwd rond klassieke logica-fabricage, dus processoren. Maar als meer dan de helft van de markt straks geheugen en AI-infrastructuur is, is de vraag of Europa met de huidige plannen wel op de juiste plek investeert. Nederland ligt op dat punt relatief goed, dankzij ASML en de Brainportregio, maar de bredere Europese strategie is nog niet echt afgestemd op deze verschuiving. En zolang dat zo blijft, blijft de EU voor geheugen en AI-versnellers vrijwel volledig afhankelijk van Azië en de Verenigde Staten.

Humanoïde robots doorbreken de twintigduizend leveringen in het eerste halfjaar van 2026.

Linda: Verder naar een cijfer dat een paar jaar geleden nog sciencefiction was. In het eerste halfjaar van 2026 zijn wereldwijd meer dan tweeëntwintigduizend humanoïde robots uitgeleverd. Dat is geen onderzoeksgetal meer, dat zijn echte machines die op de vloer staan, vooral in de industrie. Fabriekshallen, magazijnen, logistieke knooppunten. Precies het soort werk dat zwaar en repetitief is en waar het moeilijker wordt om personeel te vinden.

Erik: Tweeëntwintigduizend in zes maanden is het soort getal dat een fase-overgang aankondigt. Een jaar geleden ging het gesprek nog over de vraag óf humanoïde robots ooit uit de demovideo zouden komen. Nu breidt de productiecapaciteit uit, plaatsen echte klanten orders, en spreekt de sector over embodied intelligence: AI die niet alleen vragen beantwoordt in een chatvenster, maar zich fysiek door de wereld beweegt en dingen oppakt. De vraag is niet meer of ze werken, maar waar ze eerst landen en tegen welk uurtarief in vergelijking met een menselijke ploeg.

Linda: Voor de Nederlandse en Europese industrie is dit een tweesnijdend zwaard. Aan de ene kant zijn maakbedrijven in Duitsland, Noord-Italië, Polen en ook hier in Brabant en Twente precies het type klant waarvoor deze robots gebouwd worden. Vergrijzende personeelsbestanden, hoge loonkosten, krappe marges. Aan de andere kant zitten de leidende humanoïde-bouwers vandaag in China en de Verenigde Staten. Europa heeft met KUKA en ABB een sterke industriële robottraditie, maar de humanoïde vorm is een andere race, en daar staat nog geen Europees vlaggenschip.

Erik: Nederlandse werkgeversorganisaties wijzen al langer op de personeelstekorten in de maakindustrie en logistiek, en dit soort machines gaat de komende jaren onvermijdelijk in die discussie opduiken. Tegelijk zullen de vakbonden vragen wat dit betekent voor cao's, herscholing en aansprakelijkheid als een robot een fout maakt naast een menselijke collega. Dat gesprek is in Nederland nog nauwelijks gevoerd, terwijl de leveringen dus al lopen.

Linda: Even een kleine onderbreking. Luister je vaker naar The State of Tech? Druk dan op de likeknop en abonneer je, zodat je nooit een aflevering mist. Oké, verder.

Britse bestuurders waarschuwen dat achterblijvende telecominfrastructuur de AI-ambities van het land ondermijnt.

Erik: Verhaal drie brengt ons naar het Verenigd Koninkrijk, waar topbestuurders vrij bot alarm slaan. De boodschap: Groot-Brittannië dreigt de wereldwijde AI-race te verliezen, en niet vanwege een gebrek aan modellen of datacenters, maar omdat het telecomnetwerk gewoonweg niet aankan wat er gaat komen. Het Verenigd Koninkrijk staat wereldwijd op plek zevenenvijftig voor mobiele netwerkprestaties. Dat is ver achter andere G7-landen en achter de meeste EU-buren.

Linda: En de mismatch is opvallend. Op papier doet Londen aan de bovenkant veel goed. Grote datacenterinvesteringen, een nationale AI-strategie, eigen rekencapaciteit. Maar AI draait niet alleen om het datacenter, het draait om de leidingen die data van en naar gebruikers en apparaten brengen. Als je vijf-G-dekking rammelt en je vaste netwerk ongelijkmatig is, dan loopt elke AI-toepassing die realtime data nodig heeft, van zelfrijdende voertuigen tot industriële sensoren tot assistenten op de telefoon, tegen een muur op. De kern van het argument is: je bouwt geen wereldklasse AI op tweederangs telecom.

Erik: Voor Nederland is dit een interessant contrast. Hier ligt de glasvezeldekking bij de hoogste van Europa, en de vijf-G-uitrol staat er beter voor dan in het Verenigd Koninkrijk. Dat is precies het soort infrastructuur waar bedrijven op letten als ze kiezen waar ze AI-toepassingen uitrollen. Tegelijk zit er ook een waarschuwing in voor Nederland: de druk op deze netwerken groeit hard, en investeringen in het volgende niveau, denk aan zes-G en glasvezel dieper de wijken in, worden politiek gevoelig zodra ze op de begroting van de gebruiker terechtkomen.

Linda: En er is een bredere Europese les. Het Verenigd Koninkrijk positioneerde zich na de brexit als een lichtere, snellere AI-hub tegenover de EU. Deze waarschuwing suggereert dat regelgevingssnelheid niet opweegt tegen fysieke infrastructuurgaten. Duitsland, Frankrijk en de Scandinavische landen investeren consistenter in de basis, en dat kan op langere termijn zwaarder wegen dan een soepele wet.

De Amerikaanse Federal Reserve zet AI centraal in zijn afwegingen over rente en economische stabiliteit.

Erik: Ons vierde verhaal is subtieler, maar heeft misschien wel de langste staart. De Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve, behandelt kunstmatige intelligentie steeds meer als een centrale factor in het economisch beleid. Wat ooit een zijstapje was in speeches, speelt volgens berichten nu een hoofdrol in hoe bestuurders denken over groei, werkgelegenheid, inflatie en financiële stabiliteit. Centrale banken praten in het openbaar zelden over een technologie, tenzij ze denken dat die de cijfers beweegt waarvoor ze verantwoordelijk zijn.

Linda: De Fed kijkt op meerdere fronten. Bij productiviteit: tilt AI de output genoeg om de potentiële groei te veranderen? Bij werkgelegenheid: verdringt het werknemers sneller dan de arbeidsmarkt kan opvangen? Bij inflatie: drukt het de prijzen in de dienstensector? En bij financiële stabiliteit: begint de enorme investeringsgolf in AI-datacenters trekken van een zeepbel te vertonen? Dat laatste is niet triviaal, want een flink deel van de Amerikaanse economische groei van het laatste jaar hangt aan die investeringen.

Erik: Voor Europa is de doorwerking dat de Europese Centrale Bank en De Nederlandsche Bank vrijwel zeker dezelfde interne discussies voeren. Als de Fed AI publiekelijk in zijn modellen inbouwt, volgen Frankfurt en Amsterdam. En dat heeft praktische gevolgen. Als beleidsmakers AI-gedreven investeringen als een structureel groeiverhaal gaan zien, verandert dat hoe ze naar rentes kijken en hoe ze inschatten of markten oververhit raken. Voor iedereen met een hypotheek of een spaarrekening is dat geen abstract debat, dat werkt uiteindelijk door in de rente op je product.

Linda: En er zit een toezichtshoek aan. Europese bankentoezichthouders wijzen al langer op de concentratierisico's rond een handvol AI- en cloudleveranciers. Als de Fed dat thema publiekelijk oppakt, wordt het voor De Nederlandsche Bank en de ECB makkelijker om Nederlandse banken en verzekeraars te bevragen op hun AI-blootstelling: wie gebruikt welk model, waar draait het, en wat gebeurt er als één grote leverancier uitvalt. Dat gesprek staat nu vaak nog in de kantlijn, maar het schuift door naar het midden van de tafel.

De offline Europese kaartenapp Magic Earth navigeert door heel Europa zonder tracking of dataverbinding.

Erik: Tot slot twee dingen waar je vandaag iets mee kunt. De eerste is een navigatie-app die Magic Earth heet. Het is een Europees gebouwde kaarten- en navigatiedienst, ontwikkeld door een team in Roemenië, en de app is gratis op iOS en Android. Wat hem laat opvallen is dat hij echt offline-eerst is. Je downloadt de kaarten van de landen die je wilt, en daarna werkt navigatie voor auto, wandeling en fiets zonder enige dataverbinding. Gebruikers melden dat de dekking door heel Europa sterk is, ook in landelijke gebieden waar de bekende grote apps opeens haperen.

Linda: De privacyhoek is de tweede reden om er eens naar te kijken. Volgens de ontwikkelaars verzamelt Magic Earth geen persoonlijke gegevens en bouwt hij geen profiel van je verplaatsingen op. Reviews wijzen erop dat verkeersinformatie geanonimiseerd is en dat er geen account of login nodig is. Dat is een echt andere houding dan de dominante navigatie-apps, waar je routegeschiedenis vaak deel is van een advertentieprofiel. Voor Nederlandse gebruikers is dat interessant nu de discussie over locatiedata in Brussel en Den Haag steeds scherper wordt.

Erik: Installeren duurt ongeveer vijf minuten. App downloaden, kaart openen, de regio's kiezen die je nodig hebt. Voor de meeste Europese landen is dat een paar honderd megabyte per stuk. Daarna kan de telefoon in vliegtuigmodus en werkt navigatie gewoon door. De app doet ook rijstrookadvies, snelheidslimieten en gesproken instructies offline. Fietsers en campervanreizigers die veel tijd doorbrengen buiten mobiel bereik gebruiken hem breed. En hij kost helemaal niets.

De gratis open-source schrijftool Zettlr helpt je lange documenten en onderzoek te organiseren op je eigen laptop.

Linda: Het tweede om te proberen is een schrijftool die Zettlr heet. Gratis, open-source, en hij draait op Windows, Mac en Linux. Zettlr is gemaakt voor mensen die lange, gestructureerde teksten schrijven. Denk aan scripties, rapporten, artikelen, boekhoofdstukken, alles waar je dagen of weken lang bronnen en structuur bij elkaar moet houden.

Erik: Wat hem interessant maakt, is dat hij een rustige, afleidingsvrije schrijfomgeving combineert met echte onderzoeksfuncties eronder. Je kunt losse notities aan elkaar koppelen, taggen, en later in een langer document trekken. Voetnoten, bronvermeldingen en de koppeling met een verwijzingsbeheerder als Zotero werken direct uit de doos. Academici en journalisten zweren erbij, en gebruikers melden dat het net zo goed werkt voor iemand die een lang bedrijfsrapport of een offerte schrijft.

Linda: De privacyhoek is dat alles op je eigen apparaat blijft. Geen cloudsync, geen account, geen bedrijf dat je concepten meeleest om er een model op te trainen. Wil je een back-up, dan gebruik je zelf een map in je eigen opslag. Dat is een echt ander compromis dan de grote cloudschrijftools, en dat past bij iedereen die met gevoelig materiaal werkt: advocaten, journalisten, artsen. Voor een Nederlandse student of onderzoeker die zonder abonnement een serieus lang stuk wil afmaken, is Zettlr misschien wel de rustigste plek van het internet.

Linda: Vandaag hadden we het over: de chipomzet die bijna verdubbelt naar zestienhonderd miljard dollar, tweeëntwintigduizend humanoïde robots die in een halfjaar de fabrieken in gingen, de Britse waarschuwing dat telecominfrastructuur de AI-race gaat bepalen, en de Amerikaanse Fed die AI midden in zijn rentebeleid zet. En twee dingen om zelf te proberen: de offline kaartenapp Magic Earth en de schrijftool Zettlr.

Erik: Meer weten of reageren? Ga naar thestateoftech.nl of mail ons op info@doorzetters.net.

Erik: State of Tech, de techwereld in 15 minuten.